• De vraag:

    Deze maand komt de vraag van Diana Hollander: 

    Ik ben de trotse eigenaar van een nu 6 jarige fries.
    Ze is sinds anderhalf jaar onder het zadel alleen sinds een paar weken lukt het niet om normaal een ronde door de bak te rijden in galop. Ze lijkt dan steeds naar de uitgang te willen vluchten. Hoe zou ik dit probleem kunnen oplossen?

  • Malene Nootenboom antwoordt:

    Het vluchten van een paard naar de uitgang of het opeens de andere kant op schieten wanneer je een volte rijdt in draf of galop kan verschillende oorzaken hebben. De aller belangrijkste om te laten controleren is natuurlijk een lichamelijk probleem. Het paard ervaart dan een bepaalde pijn tijdens het bewegen of galopperen en zoekt daarvoor een uitweg. Daarnaast heeft een paard geleerd dat het rijden stopt wanneer je de bak verlaat en zoekt om die reden dan ook de uitgang op om als het ware naar toe te vluchten. Een slecht passend zadel kan hiervan ook een oorzaak zijn. Ook hierdoor ervaart het paard pijn en zoekt het naar een uitgang (niet in het hek maar voor zichzelf) om onder die pijn uit te komen. De bak verlaten betekent dan voor het paard dat de pijn verdwijnt.

    Even ervan uitgaande dat er lichamelijk niks mis is met het paard en het zadel goed past zijn er nog een aantal mogelijkheden waardoor een paard overgaat tot het kiezen van een andere weg en in een ander tempo dan dat jij als ruiter eigenlijk aangeeft.

    Zoals ik in de vorige vraag-van-de-maand al aangaf reageert een paard op hulpen. Hij leert dat een bepaalde hulp een bepaalde overgang, tempowisseling of oefening betekent. Wanneer het paard dit moeilijk vindt (of dus pijn heeft) zal hij gaan zoeken naar een uitweg. Dit kun je als ruiter merken aan een aantal kenmerken:

    • het paard remt af of rent weg
    • het paard wordt onrustig in de aanleuning
    • het paard gaat wringen in het lichaam waarbij het de schouder naar binnen of naar buiten gooit.

    Je zult dus in je training eerst altijd moeten bekijken (nadat je medische ongemakken en tuigage wat niet past hebt uitgesloten) wat er op dat moment gebeurt. Wanneer je weet wat én waar het mis gaat kun je gaan verzinnen wat er in het lichaam van je paard gebeurd en op welke manier je dit dan aan gaat pakken. Het kan zijn dat je paard je niet begrijpt. De oefening kan te moeilijk zijn omdat het paard de kracht er nog niet voor heeft of wellicht heeft het paard spierpijn.

  • Vaak komt dergelijk gedrag weg uit een niet herkende scheefheid bij paard (en/of ruiter). Het paard is dus scheef in zijn lichaam en de ruiter is nog niet voldoende ontwikkeld om het paard tijdens de training rechter te maken. Hierdoor kan het lichaam van het paard zich niet optimaal en gelijkwaardig ontwikkelen.

    Elk paard is scheef. De een is linksom gebogen, het andere paard is weer rechtsom gebogen. Wanneer ze dus van de rechter volte afvliegen en snel naar links vallen zullen ze dus ook in hun hele lichaam naar de favoriete buiging toegaan. Op die manier ontlasten ze hun minder sterke achterbeen wat ze dus, zodra dat lukt, buiten de massa zullen plaatsen.

  • Wanneer jouw paard linksom erg makkelijk buigt en rechtsom heel moeilijk buigt, is jouw paard dus linksom gebogen. Wanneer je dan rechtsom, in de rechter galop rijdt, kan jouw paard het heel moeilijk vinden. En daarbij ook wat getrek in de spieren ervaren. De korte spieren moeten door de volte langer worden en de lange spieren moeten inkorten.

    Wanneer je dan in het midden van de bak bent aanbeland, tijdens de volte, en je paard krijgt rijtechnisch gezien de ruimte om de andere kant op te gaan, dan zal hij zichzelf op die manier in zijn lichaam corrigeren. De korte spieren kunnen dan weer kort worden en de lange spieren weer lang. Het paard neemt dus eigen initiatief om het voor zichzelf zo makkelijk mogelijk te maken. Dus door de lichamelijke scheefheid en de ruimte die het paard krijgt, schiet het de andere kant op met als doel minder inspanning van het paardenlichaam.

    Maar wat te doen als je paard de andere kant een stuk makkelijk vindt dan de kant waar je zelf naar toe wilt?

    Scheefheid is een spierprobleem dat kan worden opgelost door het trainen van de spieren. Dit noem je rechtrichten en zou eigenlijk als een rode draad door je training moeten lopen.

  • In het Skala der Ausbilding wordt rechtrichten pas als voorlaatste benoemd. Zelf ben ik van mening dat het rechtrichten met een jong paard al spelenderwijs meegenomen kan en mag worden. Mijn trainer zegt altijd, als je een paard scheef leert lopen en als hij een jaar of acht is opeens recht wil laten lopen wordt dat heel moeilijk. 

  • Een paard begrijpt dat dan niet. Het kost dan ook veel meer moeite omdat je alle oefeningen ook al scheef hebt aangeleerd.

    Nu even naar de praktijk. Het paard heeft namelijk al de ruimte gevonden om te vluchten of de volte te veranderen in een volte de andere kant op. Een paard is niet dom en zal het bij succes keer op keer herhalen. Je kunt dan een aantal dingen doen.

    Wat ik het meeste in de praktijk zie gebeuren is dat de ruiters heel hard aan de huidige binnen teugel gaan trekken om toch de bocht om te komen. Vaak heeft dit een averechts effect want hoe meer het paard gesteld is naar binnen, hoe eenvoudiger het door de buitenteugel heen kan lopen. Hierdoor valt het paard dus extreem over de buitenschouder waarna het zich naar de prettigste buiging doorwerkt voor het paard.

  • Probeer dus op de volte het paard zo recht mogelijk te houden, of zelfs een beetje contra stelling te vragen waardoor het paard over de binnenschouder valt. Lukt dat nog niet dan kun je als extra begrenzende hulp een kort stokje in de buitenhand nemen en daarmee zachtjes tegen de schouder duwen als een soort extra hand. Slaan in niet nodig en zal alleen nog maar voor meer stress zorgen.

    Wanneer je paard ook nog eens hard gaat is het belangrijkste om de controle over het tempo terug te nemen. Zodra je voelt dat je paard harder gaat, sluit je direct terug. Desnoods een overgang terug of halthouden. Wanneer je paard daarop reageert stuur je je paard de juiste richting weer op en rij je verder alsof er niks gebeurd is.

  • Het aller belangrijkste is dat jij er rustig in blijft en je eigen hartslag laag kunt houden. Blijf denken in oplossingen in plaats van in problemen en vertel je paard rustig wat je van hem wilt in plaats van dat je alleen bezig bent met te vertellen wat je niet wilt. Vestig de aandacht op tempo controle en begrenzing van binnen- of buitenschouder en kijk overdreven ver voor je uit. Wanneer je zo ver voor je uit kijkt neem je automatisch je paard aan je zit al heel goed mee in de juiste richting.

    Lukt het niet met deze tips, zoek dan een goede instructeur die je hiermee kan helpen. Succes!

  • Aanmelden of meer informatie?

  • Verstuur